Alles is er anders. Zo vertelt onze Wit-Russche logé Katja over haar woonplaats. Zij woont sinds haar geboorte, dat wil zeggen al 20 jaar, in Pinsk. Kerkrade is dan wel even wat anders. Maar voor Katja al normaal, na zeven keer een hele maand hier te hebben doorgebracht.
De eerste keer was zij elf en ik negen. Vriendinnen vanaf de eerste dag, al spelend met meisjeslego en al luisterend naar de Backstreetboys.
Ze keek haar ogen uit hier, dat was duidelijk. Maar toen ging alles nog via handen en voeten. Katja kon ons toen niet in woorden vertellen dat ze geen frikadellen en kroketten gewend was. En zo kon ik haar niet vragen hoe alles er bij haar thuis aan toeging.
Inmiddels kletsen we elkaar de oren van het hoofd. In het Duits wel te verstaan, met af en toe een woordje Russisch of Nederlands ertussen.
Voordat ik begon met het schrijven van dit stukje heb ik haar nog gevraagd wat er allemaal anders is in Wit-Rusland. Genoeg, zo blijkt. Zo zijn er geen klompen, maar rieten schoenen. De opa’s en oma’s in de dorpjes lopen er nog dagelijks op.
Als ontbijt zijn aardappels heel normaal. Tomaten, witte kool en augurken worden bij opa en oma in de tuin gekweekt.
Bij feestjes staat standaard de wodka op tafel. Dat is gezonder dan wijn of bier, zo luidt de Wit-Russische drinkwijsheid.
Pinsk is een stad met meer dan 130 duizend inwoners, maar een McDonald’s is er niet te vinden. Wel winkels, maar die zijn veelal kleiner dan wij die gewend zijn.
Even lijkt er toch niet álles anders te zijn, want rond deze tijd volgt ook in Wit-Rusland iedereen de voetbalwedstrijden, zo vertelt Katja. Uiteindelijk blijkt haar stelling toch nog te kloppen: ‘Maar bij ons versieren ze niet zo gek de huizen als hier!’ roept mijn Wit-Russische vriendin lachend.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten